Rijke toepassingssfeer van de praetoriaanse probatie ingeperkt door politierechtbank

Rijke toepassingssfeer van de praetoriaanse probatie ingeperkt door politierechtbank

I. Feiten

Kort samengevat betrof de zaak een verkeersongeval waarbij een fietser werd aangereden door een voertuig dat achteruit van een privé parkeerplaats de hoofdweg wou oprijden. De bestuurster van het voertuig zou drie keer naar links en rechts gekeken hebben, doch de fietser niet gezien hebben. De fietser liep hierbij verwondingen op en werd naar het ziekenhuis overgebracht.

Het OM besloot de bestuurster van het voertuig te vervolgen nadat deze niet inging op het aanbod vanwege het parket om een ‘cursus verkeersongeval kwetsbare weggebruiker’ bij het VIAS te volgen. Het betreft een specifieke cursus bestemd voor bestuurders die een licht ongeval veroorzaken met een kwetsbare weggebruiker.

De bestuurster van het voertuig werd vervolgd voor de volgende tenlasteleggingen, dewelke zowel strafbaar zijn op grond van het Strafwetboek als op grond van het Wegverkeersreglement:

A. Bij een verkeersongeval dat aan zijn persoonlijk toedoen te wijten is, door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, maar zonder het oogmerk om de persoon van een ander aan te randen, onopzettelijk verwondingen of slagen te hebben toegebracht.

(art. 418 en 420 van het Strafwetboek; art. 38, §1, 2° van de Wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer);

B. Als bestuurder van een voertuig op de openbare weg, die een manoeuvre wil uitvoeren, nagelaten te hebben voorrang te verlenen aan de andere weggebruikers.

(art. 12.4 lid 1 van het KB van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg; art. 29 §1 lid 3 en 38 §1.3° van de wet betreffende de politie over het wegverkeer – KB tot coördinatie van 16 maart 1968).

II. De juridische vraag

Terecht heeft de politierechtbank zich in een tussenvonnis de vraag gesteld voor welk feit het voorstel precies wordt gedaan. Het regime van het verval van de strafvordering na het volgen van een opleiding is namelijk verschillend voor verkeerszaken en correctionele zaken.

Zo wordt in artikel 65 Wegverkeerswet uitdrukkelijk de mogelijkheid van het verval van strafvordering na het volgen van een opleiding uitgesloten indien er schade aan derden werd veroorzaakt, hetgeen in casu het geval was.

Indien het cursusaanbod daarnaast zou kaderen in een maatregel bedoeld in artikel 216ter, §1, lid 5, 3° Sv., dan dient het aanbod te voldoen aan alle bepalingen van artikel 216 ter Sv waaronder het garanderen van de rechten en waarborgen aan de bestemmeling van het aanbod.

III. De praetoriaanse probatie

Het OM heeft echter in haar besluiten de opgeworpen kwestie vakkundig vermeden en tovert, als ontegensprekelijk antwoord, uit haar hoed: de praetoriaanse probatie.

Volgens het OM zou het cursusaanbod namelijk niet kaderen in artikel 65 WPW, noch in artikel 216 ter Sv. lid, 3°, maar werd het aanbod gedaan in het kader van de praetoriaanse probatie.

Het OM definieert het begrip in haar besluiten, dewelke eerder lezen als een beleidsnota van het OM of een rechtstheoretisch werkstuk waarbij verouderde rechtsleer grotendeels letterlijk wordt overgenomen, als volgt:

“De pretoriaanse probatie is een seponering onder voorwaarden. De praktijk van de pretoriaanse probatie is gekend sinds de tweede wereldoorlog en past in het door het opportuniteitsbeginsel gedomineerde vervolgingsbeleid van het OM waarin de sepotbevoegdheid een centrale rol speelt. De sepotbevoegdheid die aanvankelijk geen wettelijke basis had, is tegenwoordig verankerd in artikel 28 quater van het wetboek van strafvordering. De wet stelt eisen noch voorwaarden aan het sepot, het sepot is volledig pretoriaans. Het sepot kan worden toegepast op alle misdrijven, ongeacht de ernst ervan en ongeacht de schade of de vergoeding van de schade. In de rechtsleer wordt algemeen aanvaard dat het OM zijn sepotbeslissing afhankelijk kan maken van de naleving van bepaalde voorwaarden waartoe de dader van het misdrijf zich vrijelijk verbindt. In principe is het OM totaal vrij in het bepalen van deze voorwaarden, mits ze het voorwerp kunnen uitmaken van een private overeenkomst tussen partijen. Hoewel het OM na afloop in principe nog kan vervolgen, wordt in de regel afgesproken dat na succesvol afronden de zaak zal worden geseponeerd. De pretoriaanse probatie is gebaseerd op vrijwilligheid, d.w.z. dat de dader kan weigeren er aan deel te nemen of tijdens de uitvoering ervan kan afhaken. Dat resulteert niet in een verslechtering van de rechtspositie vermits in het slechtste geval het OM de strafvordering zal instellen. En dat was altijd al mogelijk.”

Het grote verschil met de regelingen voorzien door de artikelen 65, §1 WPW en 216 ter Sv. zou bestaan in het feit dat deze leiden tot verval van de strafvordering, hetgeen absoluut onherroepelijk is. De praetoriaanse probatie zou daarentegen louter leiden tot een sepot.

IV. Beoordeling

Het feit dat het OM terugvalt op het oude vertrouwde opportuniteitsbeginsel en hiermee de opgeworpen juridische kwestie vermijdt, vond ook de rechtbank klaarblijkelijk onaanvaardbaar.

Het cursusaanbod, dat in zeer algemene bewoordingen wordt geformuleerd, preciseert met name niet in het kader van welk traject het aanbod wordt geformuleerd. Bovendien zou het aanbod ook niet vermelden van welke strafbare gedragingen hij/zij verdacht wordt.

Volgens de besluiten van het OM is de praetoriaanse probatie gesteund op artikel 28 quater Sv., hetgeen echter louter handelt over het monopolie van het OM om te vervolgen of seponeren.

Het is bovendien wel degelijk de intentie van het OM om geen vervolging in te stellen wanneer de cursus wordt gevolgd, waardoor hieraan een verval van de strafvordering wordt gekoppeld.

Het verval van de strafvordering blijkt duidelijk uit de volgende verwoordingen gehanteerd in de brief met het aanbod:

“Bij ontvangst van het attest binnen de zes maanden na de datum van deze brief, wordt uw dossier definitief afgesloten, zonder vervolging”.

Gelet op de uitdrukkelijke uitsluiting van de mogelijkheid van het verval van strafvordering na het volgen van een opleiding indien er schade aan derden werd veroorzaakt, zoals voorzien in artikel 65 Wegverkeerswet, komt de rechtbank tot de conclusie dat het aanbod niet wettelijk is.

Ook stelt de rechtbank vast dat van de gebruikte bewoordingen in de brief druk uitgaat en dat de selectie van zaken om het aanbod te doen arbitrair en problematisch is.

Ter zitting van 30 november 2023 stelden zich verschillende gelijkaardige verkeerszaken waarin een dergelijk cursusaanbod werd gedaan.

Op de zitting werden de volgende overwegingen bijkomend gemaakt.

Zo werd vastgesteld dat de cursus niet haalbaar is voor diegenen die zich in een pecuniaire financiële situatie bevinden of anderstalig zijn. Ook zou het VIAS niet terugkoppelen naar een verzoeker om een datum voor een cursus in te plannen ondanks meerdere verzoeken en rappels.

Als kers op de taart, was er ter zitting ook één man in persoon aanwezig. Na een theoretische uiteenzetting van het OM over de praetoriaanse probatie en de pleidooien van de verschillende advocaten, kreeg deze man als laatste het woord.

Met de brief van het OM met het cursusaanbod in zijn handen, begon hij al stotterend aan zijn relaas over de feiten zelf, zonder te begrijpen wat dat gek beestje van een praetoriaanse probatie inhoudt en waarover de juridische discussie nu ging.

De politierechter gebaarde naar deze man en vatte de zitting samen: “Voilà, meneer is hét voorbeeld dat de brief van het OM met het cursusaanbod verre van duidelijk is.”

De rechtbank besloot tot een grove schending van de rechten van verdediging van de beklaagden en maakte haar statement: de strafvordering werd nietig verklaard.

Waarom Geerdens & Loos Advocaten?

  • Eerst luisteren wij naar u en uw probleemstelling.
  • Wij gaan daar waar andere kantoren afhaken.
  • Elk geschil is uniek en verdient alleen al daarom een eigen benadering en onze volledige aandacht.
  • U krijgt dan ook de persoonlijke bijstand die u en uw probleem verdienen.

Juridische hulp of advies nodig?

Contacteer ons vandaag nog. Bij ons bent u geen nummer, maar een client die wij persoonlijk kennen. Wij zoeken samen met u naar een creatieve oplossing hoe moeilijk uw geschil ook lijkt te zijn.

Linkhoutstraat 123
3560 Lummen

013 29 30 01

info@advolummen.be

Cookies laten u deze website vlot gebruiken. Deze cookies verzamelen geen persoonsgegevens. Meer informatie